Sinterklaas

Sinterklaas is een figuur uit de legendes van Nederland. Hij zou ieder jaar langs de huizen van Nederlanders gaan om daar kadootjes en snoepgoed te brengen aan kinderen die dat jaar weinig stout gedrag hebben vertoond.

Legende

Volgens de legende heeft Sinterklaas, die met zijn volledige naam Sint Nicolaas heet, een permanent verblijf in Spanje. Van daaruit bereidt hij zijn jaarlijkse kadootjestocht voor. Hij heeft een dik rood boek waarin allerlei gegevens over alle Nederlandse kinderen staan, zoals wat hun hobby’s zijn en of ze dit jaar tot nu toe braaf of stout zijn geweest. Dit boek gebruikt hij om te bepalen wie er dit jaar kado’s krijgen en wat hij hen zal geven. Je kunt merken dat het een hele oude legende is; tegenwoordig is het tegen de wet om zonder toestemming zoveel persoonlijke gegevens te verzamelen, maar in de legende van Sinterklaas wordt dit gedrag nog gedoogd.

Doorgaans is de lijst van kinderen aan wie de Sint kado’s wil geven vrij lang. De bijbehorende werkzaamheden voert Sinterklaas daarom niet in zijn eentje uit. Hij wordt bijgestaan door vele assistenten, ook wel Pieten genoemd. Onder leiding van de Hoofdpiet helpen zij met het inkopen en inpakken van de kado’s, zodat Sinterklaas deze mee kan nemen naar Nederland.

Wanneer alle kado’s zijn ingepakt, vertrekt Sinterklaas richting Nederland op zijn stoomboot. Vaak is de planning dat hij ongeveer half november in Nederland aankomt. Omdat er ook na de reis nog vele werkzaamheden nodig zijn om alle kado’s bij de juiste kinderen te krijgen, gaat een deel van de Pieten mee op de stoomboot. Ook neemt Sinterklaas zijn witte paard mee, zodat hij daarop straks langs de huizen kan rijden.

Tussen half november en 5 december brengt de Sint vervolgens één voor één een bezoek aan de huizen van alle kinderen in Nederland. Omdat het zoveel huizen zijn, is hij hier 24 uur per dag mee bezig. Bij sommige huizen komt hij overdag, waar hij netjes aanbelt, maar bij huizen waar hij ’s nachts komt, loopt hij, op zijn paard, samen met zijn Pieten, over de daken en vraagt hij zijn Pieten om door de schoorsteen naar binnen te gaan. De Pieten kruipen dan geruisloos naar beneden, leggen de kadootjes en eventueel snoepgoed (vaak pepernoten) in de schoenen van de kinderen, en gaan vervolgens via dezelfde schoorsteen weer terug naar buiten. Op deze manier kan Sinterklaas maximaal gebruik maken van zijn tijd in Nederland en zoveel mogelijk kado’s te bezorgen, zonder dat het ten koste gaat van de nachtrust van mensen.

In sommige versies van de legende zitten de kado’s die Sinterklaas langs de huizen brengt in een grote jute zak. Wanneer die zak leeg is, wordt hij hergebruikt en stopt de Sint daar kinderen in die dat jaar teveel stout gedrag vertoond hebben. Die kinderen gaan dan ‘mee in de zak naar Spanje’. In hedendaagse vertolkingen van de legende komt de jute zak wel eens voor, maar worden er meestal geen kinderen in gedaan.

Op 6 december, wanneer alle kado’s bezorgd zijn, vertrekt Sinterklaas op zijn stoomboot weer terug naar Spanje. Die dag is ook de verjaardag van de Sint en vormt daarmee een mooie symbolisch moment om een periode van intensieve arbeid mee af te sluiten. Eenmaal in Spanje, heeft de Sint weer een heel jaar om de tocht van volgend jaar voor te bereiden.

Hedendaagse vertolkingen

In Nederland wordt de legende van Sinterklaas ieder jaar nagespeeld tijdens en in aanloop naar het Sinterklaasfeest op 5 december. Hierbij wordt wel eens een klein beetje van het oorspronkelijke verhaal afgeweken. Zo stopt hij meestal geen kinderen in jute zakken en geeft hij vaak aan alle kinderen kado’s, ook de stoute kinderen.

Hoewel de meeste inwoners van Nederland weten dat het slechts om een legende gaat, wordt tegen kinderen verteld dat Sinterklaas een bestaande, nog levende man is en dat de naspelingen echte optredens zijn van de goedheiligman. Vaak zijn het ouders die kado’s en snoepgoed kopen en dit in de schoenen van hun kinderen stoppen, maar tot een bepaalde leeftijd geloven de kinderen dat de schoeiselverrassingen het werk zijn van Sinterklaas en zijn Pieten.

Wanneer kinderen ouder worden en erachter komen dat de heer Nicolaas niet bestaat (of in ieder geval, niet meer leeft), gaan ze het feest op een andere manier vieren. In plaats van dat “Sinterklaas” kadootjes brengt, kopen de kinderen zelf kadootjes. Dit doen ze niet voor zichzelf: ze organiseren zich in kleine groepjes (bijvoorbeeld een schoolklas of een vriendengroep) en trekken dan ieder een naam van iemand anders uit de groep. Voor de persoon die ze getrokken hebben, maken ze dan een surprise: ze kopen een gericht kado, pakken dit op een creatieve manier in door inspiratie te halen uit de hobby’s en interesses van degene voor wie ze het kado inpakken, en plakken er een origineel gedichtje op. Tijdens een groepsbijeenkomst worden de kado’s dan één voor één door de ontvangende partijen uitgepakt, waarbij de volgorde vaak wordt bepaald door een dobbelspel.

Sinterklaasgedichten

Er zijn veel gedichten geschreven over Sinterklaas, meestal als onderdeel van een surprise. Ook ikzelf heb een aandeel in deze Sinterklaasgedichten.

  • Voor de hand

    Voor de hand

    Sinterklaasgedicht voor mijn zus die Nederlandse Gebarentaal aan het leren was.

  • Rustig Wezen

    Rustig Wezen

    Een sinterklaasgedicht voor mijn moeder, die dat jaar in het ziekenhuis tot rust was gekomen.

  • Great King Poopie-pants III

    Great King Poopie-pants III

    Sinterklaasgedicht voor de “Great King Poopie-pants the Third”.